Voor mij zijn er 2 aspecten erg belangrijk in de trainingen en opbouw van atleten:
- Hoe bewegen ze?
- Wat is hun belastbaarheid?
Het maakt voor mij geen verschil of het nu om een sprinter gaat, een mila-atleet of marathonloper. Allemaal moeten ze eerst goed en efficiënt bewegen voordat je ze heel specifiek voor hun discipline kan gaan trainen. Dat efficiënt bewegen wordt vooral bepaald door de coördinatie en core-stabiliteit. Indien beide zaken goed ontwikkeld zijn, is de belastbaarheid al een stuk groter. Niet onbelangrijk in de opbouw.
Daarnaast zijn kracht, uithoudingsvermogen (sport-specifiek) en een mate van lenigheid natuurlijk ook belangrijk. Zoals met alles, geldt ook hier de open deur dat ‘Alles moet kloppen!!!’
Om de atleten die ik train goed te laten bewegen en belastbaar te maken, besteed ik veel tijd aan wat ze loopscholing noemen. Veel variëren in bewegingen en steeds zorgen voor een transfer naar hun loopbeweging. Ze gaan daardoor steeds efficiënter bewegen en worden meer belastbaar omdat ze stabieler worden in het bewegen. Daardoor hebben ze dus ook een lager blessure-risico. Tevens neemt door de enorme variatie in beweging de kracht van o.a. kleine spieren toe.
Vaak wordt loopscholing gezien als een verkapte warming-up. Voor mij is het dat niet. Natuurlijk zorg ik dat de atleten voor de oefeningen op “de juiste temperatuur” zijn, maar dan vooral IN de spier. Voor mij is loopscholing een specifiek onderdeel van de trainingen, nl. techniektraining. Elke training weer!!!
Door het juiste aanbod van oefeningen en variatie worden bewegingen efficiënter en meer geautomatiseerd. Daarbij gebruik ik ook het ASM in de oefeningen. Door a-specifiek te trainen, zie ik duidelijk dat het bewegen specifiek beter wordt. Het cognitief vermogen wordt daarmee ook geprikkeld. Er wordt meer myeline aangemaakt, wat erg belangrijk is om gericht te bewegen.
Het is dus belangrijk om de juiste variatie in oefeningen aan te bieden. Maar NIET variëren om de variatie. Altijd nadenken wat je wil bereiken, hoe je dat bereikt en later te analyseren of het ook is bereikt. En blijf CREATIEF in het trainingsaanbod. Dat levert veel plezier op en ook dat is weer belangrijk voor de langere termijn.
